Ga verder naar de inhoud

Actieve TB – standaardtherapie

De hoeksteen van tuberculosebehandeling is een combinatie van bactericide en sterilisende middelen gedurende voldoende lange tijd om alle populaties mycobacteriën (intracellulair, extracellulair, snel- en langzaamdelend) uit te roeien. De WHO first-line regimen voor drugsensitieve, niet-complicerede longtuberculose bestaat uit: 2 maanden HRZE + 4 maanden HR (H = isoniazide, R = rifampicine, Z = pyrazinamide, E = ethambutol). In België wordt dit schema algemeen gevolgd. Ethambutol kan achterwege gelaten worden in de initiële fase als er geen verhoogd risico op resistentie is en de lokale epidemiologie het toelaat (soms bij bewezen gevoeligheid in indexclusters). Doseringen zijn gewichtafhankelijk; fixed-dose combinaties (FDC’s) worden aangeraden ter bevordering van therapietrouw en ter preventie van monotherapie. Duur: 6 maanden totaal is standaard voor volledig gevoeligebehandeling van long- en meeste extrapulmonale TB. Enkele bijzondere vormen kennen een verlengde duur: TB meningitis en TB osteomyelitis/spondylitis worden 9-12 maanden behandeld (in België vaak 9m); een nog langere duur (tot 12m) is soms overwogen bij endovasculaire TB of andere moeilijk penetreerbare haarden. Rifampicine is onmisbaar als core drug – zodra rifampicine niet kan gebruikt worden (resistentie of intolerantie) moet de behandeling minstens 9 tot 12 maanden duren en uitgebreid worden met tweede-lijnsmiddelen (voorbehandelde patiënten, zie MDR-beleid)

Controle en opvolging

Tuberculostatica worden in België doorgaans gratis voor de patiënt. De behandeling dient onder toezicht te gebeuren. In praktijk betekent dit maandelijkse opvolgconsulten bij de behandelend arts en verpleegkundige begeleiding via Directly Observed Treatment (DOT) waar nodig (vooral bij risicopatiënten voor non-compliance). Baseline onderzoeken alvorens te starten: HIV-test (indien status onbekend), bloedonderzoek (lever-, nierfunctie, compleet bloedbeeld), gezichtsveld (indien ethambutol voorzien) en audiogram (indien streptomycine of tweede lijn injectables voorzien). Bij INH krijgen patiënten standaard pyridoxine (vitamine B6) ter preventie van perifere neuropathie. 

Neveneffecten

Wees alert op hepatotoxiciteit (isoniazide, rifampicine, pyrazinamide zijn alle drie leverbelastend). Bij graad 3 hepatotoxiciteit (transaminasen >5x normaal of >3x met symptomen) staakt men alle tuberculostatica tijdelijk, tot normalisatie, en herintroduceert dan geleidelijk volgens protocol. Ethambutol kan retrobulbaire neuritis veroorzaken (vraag naar visusdaling, kleurenzien); pyrazinamide kan jichtaanvallen induceren (hyperurikemie); streptomycine (tweede lijn) is ototoxisch en nefrotoxisch. De meeste bijwerkingen zijn beheersbaar mits goede monitoring en indien nodig aanpassing van het schema.

Men verwacht na 2 maanden intensieve fase dat de sputumcultuur negatief wordt bij gevoelige TB. Indien de 2-maandskweek nog positief is, overweeg verlenging van de totale duur (7 of 8 maanden totaal) afhankelijk van bacteriologische lading en radiologische respons. Evalueer steeds therapietrouw bij uitblijven van negativatie. Een einde-behandeling X-thorax wordt als nieuw referentiebeeld genomen. Daarna volgt 6 tot 12 maanden klinische follow-up om recidief op te sporen (vooral bij initiële risicoprofielen).

MDR-TB en XDR-TB

Bij multidrug-resistente tuberculose (MDR: resistent tegen ten minste isoniazide én rifampicine) is het standaardregime niet werkzaam. De behandeling van MDR-TB gebeurt in België steeds in samenwerking met een referentiecentrum (St. Pieter Brussel, enz.) en volgens de meest recente WHO-richtlijnen. Sinds 2022 adviseert de WHO voor veel MDR/RR-TB een volledig oraal kort regimen van 6 maanden (BPaLM/BPaL: bedaquiline, pretomanide, linezolid, moxifloxacine +/- clofazimine). Indien aan de criteria voldaan wordt (gevoeligheidsprofiel, geen uitgebreide ziekte of CNS-lokalisatie), kan dit korter en beter verdragen schema ingezet worden. In andere gevallen volgt men een langer individueel schema (vroeger 9–20 maanden, nu meestal 9–12 maanden met orale combinaties). Bijkomende tweede-lijnsmedicatie omvat o.a. fluoroquinolonen (levo-/moxifloxacine), hoge dosis isoniazide (indien er een inhA-mutatie is), linezolid, clofazimine, cycloserine/terizidone, bedaquiline, delamanid, ethionamide, PAS, enz. Streptomycine of andere injecteerbare aminoglycosiden worden veel minder gebruikt wegens toxiciteit en inferieure resultaten. XDR-TB (extensively drug-resistant TB, d.w.z. resistent aan INH, RMP, een fluoroquinolon en minstens één tweede-lijns injecteerbaar middel) is zeer lastig te behandelen en vereist specialistische aanpak met de nieuwste middelen (zoals bedaquiline, pretomanide). Gelukkig blijft het aantal XDR-gevallen uiterst klein in België (0–2 per jaar). Preventie van resistentie is cruciaal: dit gebeurt door juiste voorschrift (nooit monotherapie of onoordeelkundige combinaties) en trouwe inname door de patiënt. Onderbrekingen of voortijdig stoppen zijn belangrijke oorzaken van resistentie-ontwikkeling. 

Wereldwijd had in 2023 slechts ~40% van de patiënten met MDR-TB toegang tot adequate behandeling, wat aantoont dat hier nog werk aan de winkel is.

Therapie bij bijzondere situaties

  • Zwangerschap: streptomycine is gecontra-indiceerd (ototoxisch voor de foetus); de rest van eerste lijn kan gegeven worden (HRZE is veilig, al wordt EMB soms weggelaten tenzij sterke indicatie). INH-profylaxe post-partum bij TBI moet overwogen worden ipv tijdens zwangerschap, tenzij hoogrisico. Kinderen: gebruiken dezelfde eerstelijnsmiddelen, gedoseerd op gewicht (kinderen verdragen medicatie doorgaans goed, maar smaak kan een probleem zijn – oplossingen of mengen met voedsel helpt).
  • HIV-geïnfecteerden: standaard HRZE schema (6m) blijft aangewezen, gecombineerd met ART. Bij lage CD4 kan timing van ART een uitdaging vormen (IRIS risico), maar doorgaans start men ART binnen de 2-8 weken na TB-behandelingsstart. Let op interacties tussen rifampicine en proteaseremmers/NNRTI – eventueel rifabutine gebruiken in die gevallen.
  • TBI: preventieve behandeling (TPT) bij TBI reduceert het risico op actieve TB met ~90% en is aanbevolen voor geïnfecteerde personen met hoge kans op progressie. Schema-keuze: voorheen INH 9 maanden (6 maanden is iets minder effectief, maar soms gebruikt). Nieuwe voorkeur gaat uit naar kortere regimes: INH + RIF gedurende 3 maanden (3HR) is een eerstekeuze in België, of alleen RIF 4 maanden (4R). Ook 3 maanden wekelijks rifapentine + INH (3HP) is zeer effectief, maar rifapentine moet geïmporteerd worden (tijdelijk via project beschikbaar). In al deze gevallen is de hepatotoxiciteit aanzienlijk lager dan bij 9H en de therapietrouw hoger. TPT wordt voorgeschreven na uitsluiting van actieve TB en na evaluatie van contra-indicaties (leverlijden, medicatie-interacties, etc.). Tijdens TPT is maandelijkse opvolging op symptomen en tweewekelijkse leverenzymcontrole in eerste maand (bij INH) aangewezen.

Follow-up en succes

Het behandelingssucces bij tuberculose in België ligt rond de 80–85%. Succes wordt gedefinieerd als genezen of behandeling voltooid zonder falen. De voornaamste oorzaken van niet-succes zijn overlijden (vaak door comorbiditeit of gevorderde ziekte) en lost-to-follow-up (therapie niet afgerond). Het sterftecijfer bij TB in België (~5-6% in 2022 cohort) is voornamelijk terug te brengen op laattijdige diagnosestelling en hoge leeftijd. Daarom blijft vroegdiagnose en begeleiding zo belangrijk. De Respiratoire Gezondheid/FARES zetten sterk in op patiëntenondersteuning om het aantal behandeluitvallers te minimaliseren. Daarnaast zorgt de verplichte melding en registratie ervoor dat elk gestart behandelingscohort geëvalueerd wordt op uitkomst, conform WHO/ECDC-aanbevelingen.

Gerelateerde content

Doorzoek onze kennisbank

Tuberculose in de kin­der­ge­nees­kun­de

Tuberculose Richtlijnen en aanbevelingen Nederlands
Dit themanummer Tuberculose in de kindergeneeskunde dateert van 2009. Sommige stukken zijn wat verouderd. De beroepsvereniging van…
Download (973,0 KB)
Lees meer

Het BELTA-TBnet project

Tuberculose Brochure en folders Nederlands
Dankzij dit project kunnen tuberculosepatiënten die betalingsmoeilijkheden ondervinden een beroep doen op een financiële tussenkomst.Dit…
Download (192,3 KB)
Lees meer

Vor­mings­bro­chu­re

Tuberculose Rookstop Brochure en folders Nederlands
Download (3,5 MB)
Lees meer

Nieuwsbrief

We houden je graag op de hoogte van onze werking.